Ghino di Tacco | De Robin Hood van Torrita
Ghino di Tacco (geboren in 1265) is de bekendste historische figuur uit de streek van Torrita di Siena. In het Toscane van de dertiende eeuw heerste er een grote rivaliteit tussen de partij van de Welfen, de aanhangers van de Duitse keizer, en die van de Ghibellijnen, die de paus steunden. De familie van Ghino di Tacco was Ghibellijns.
Zijn vader, Tacco di Ugolino, verbleef op het bekende domein La Fratta. Hij belegerde en brandschatte de vesting Torrita, in die tijd een voorpost van Siena. Hiervoor werd hij in Siena ter dood veroordeeld. Ghino besloot zijn vader te wreken, en volgens de overlevering zou hij in Rome de rechter die zijn vader had veroordeeld, hebben vermoord. Volgens een andere overlevering doodde Ghino die rechter, Benincasa da Laterina uit Arezzo, om de terechtstelling van zijn broer te wreken. Dante Alighieri heeft dit wapenfeit van Ghino vereeuwigd in een vers van zijn Divina Commedia.
De paus en de stad Siena verklaarden Ghino di Tacco vogelvrij en zetten een prijs op zijn hoofd. Hij trok zich terug in zijn hooggelegen vesting in Radicofani, op de Monte Amiata. Daar leefde hij van plundertochten in de streek. Hij stond bekend als een nobele roofridder die voornamelijk van de rijken stal en aan de armen uitdeelde.
Decamerone
Ghino di Tacco nam in Radicofani de abt van Cluny gevangen, die op doortocht was naar de baden van Siena. De hoge geestelijke had last van maagpijn en wilde daar een kuur volgen op advies van zijn artsen. Ghino zette hem op wijn en brood en de abt genas. Uit dankbaarheid ging de abt bij de paus in Rome om eerherstel pleiten voor Ghino. Paus Bonifacius VIII ontving de nobele roofridder en schonk hem vergiffenis. Aan deze episode in het leven van Ghino di Tacco is de novelle Een nobele schurk uit de Decamerone van Boccaccio gewijd.
Tijdens de laatste periode van zijn leven kwam Ghino tot inkeer. Hij trok zich terug op het domein van La Fratta waar hij rustig ging leven. Toch was zijn dood net zo gewelddadig als het grootste deel van zijn leven: volgens de overlevering werd hij dodelijk verwond op het marktplein van Sinalunga, toen hij tussenbeide kwam tijdens een vechtpartij.
Dante over Ghino di Tacco
In het oude centrum van Torrita is een straat naar Ghino di Tacco genoemd en op het centrale plein is op de toren van het gemeentehuis een gedenksteen aangebracht. Hierop staat een vers uit de Divina Commedia van Dante Alighieri, dat naar Ghino verwijst. Het is een fragment uit het tweede deel (Purgatorio), zang 6, vers 13-14 van Dantes werk. De inscriptie op de steen luidt als volgt: Quiv’era l’Aretin che dalle braccia fiere di Ghino di Tacco ebbe la morte. (Hier was de man van Arezzo die de dood vond onder de wrede handen van Ghino di Tacco). |